Specifieke reflexen

Specifieke reflexen

uitdagingen die ontstaan wanneer de reflex niet is geïntegreerd, algemene informatie en het bijbehorende bewegingspatroon

Fear Paralysis Reflex (FPR)

Algemene uitdagingen

Levenslange uitdagingen met betrekking tot angst, en patronen van immobilisatie of dissociatie tijdens stress.

Moeite met het maken van oogcontact
Electief mutisme (niet kunnen praten)
Blokkeert als er sprake is van overprikkeling
Houdt niet van groepsactiviteiten
Houdt niet van fysieke nabijheid van anderen
Heeft een sterke reactie op geuren zoals parfum, rook, koffie
Oppervlakkige ademhaling
Negatief zelfbeeld
Problemen met slapen
Eetstoornissen
Verlatingsangst

Algemene informatie

Dit is de eerste van de beschermende primitieve reflexen die de basis leggen om te begrijpen wanneer we veilig zijn. Het is een intra-uterine reflex, wat betekent dat alle fasen van ontwikkeling voor de geboorte plaatsvinden. Wanneer deze reflex getriggerd wordt, is er een onmiddellijke activering van het overlevingssysteem; een bevriesreactie. De FPR transformeert langzaam en wordt onderdeel van de MORO reflex.

Bewegingspatroon

Wanneer het embryo wordt aangeraakt bij de mond of rond de navel, trekt het gehele lichaam zich terug en bevriest. Ook als er sprake is van een toxische of stressvolle (hard geluid) omgeving en fysieke, psychologische of emotionele stress bij moeder, immobiliseert het totale embryo. Ook vertraagt de hartslag, verlaagt de bloeddruk, ontstaat er gebrek aan zuurstof en trekken de ledematen zich licht samen.

MORO Reflex (MORO)

Algemene uitdagingen

Wanneer de MORO actief blijft, wordt het overlevingssysteem snel geactiveerd en ondermijnt het vermogen om te onderscheiden tussen wat veilig is en wat niet; de persoon blijft alert, het lichaam is gespannen en klaar om te reageren.

Slechte balans en coördinatie
Slecht uithoudingsvermogen
Wagenziekte
Auditieve verwerkingsproblemen
Drang tot het eten van suikerhoudende producten
Allergieën
Visuele verwerkingsproblemen
Overgevoelig voor licht, geluid en aanraking
Problemen met slapen
Dominant of manipulatief
Houd van routines; heeft moeite met veranderingen

Algemene informatie

Dit is een belangrijke overlevingsreflex en de tweede beschermende primitieve reflex. Als de MORO niet goed integreert, lijkt dit het vermogen van veel andere reflexen om goed te integreren te belemmeren. Wanneer de MORO getriggerd wordt, is er een onmiddellijke activering van het overlevingssysteem; een vlucht- of vechtreactie. De baby zal gaan huilen bij onverwachte sensorische verandering zodat het de aandacht van de ouder trekt. Deze reflex transformeert in de Adult Startle “Strauss” reflex

Bewegingspatroon

De MORO reflex wordt getriggerd door onverwachte sensorische verandering zoals het hoofd dat naar achteren valt, fel licht of verandering in lichaamstemperatuur. Deze reflex bestaat uit twee fasen:

  1. De armen en benen strekken zich symmetrisch uit en het hoofd buigt naar achteren, gevolgd door een moment van bevriezing. Daarna wordt er snel ingeademd en start het huilen als roep om hulp.
  2. De armen, benen en het hoofd worden geleidelijk terug gebracht naar het lichaam als een balletje. Ook ballen de handen en tenen samen en er wordt uitgeademd (vastklemmen/omvatten reflex). De baby wil nu opgetild, gekalmeerd, gewiegd en geknuffeld worden.

Babkin Reflex

Algemene uitdagingen

Wanneer de Babkin actief blijft via hand-mond connectie zal bij een beweging van de hand, de mond blijven openen. Wanneer het hele lichaamsaspect van de Babkin actief blijft, wordt het gevoel van veiligheid, vertrouwen en binding negatief beïnvloed.

Uitdagingen op het gebied van spraak en articulatie
Gespannen vuisten, tics
Schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid is moeilijk
Tong uit de mond bij schrijven, knippen, hinkelen
Vastklampen en veeleisend
Moeite met vrienden maken van eigen leeftijd
Dwangmatige verzamelaar
Slechte pengreep
Tandenknarsen
Zwakke fijn motorische vaardigheden; veters strikken, kraaltjes rijgen

Algemene informatie

De Babkin is een primitieve reflex die belangrijk is voor de ontwikkeling van spraak, taal en communicatie via de mond maar later ook op schrift. Ook leert het de mond, handen en voeten te openen waardoor de ontwikkeling van het omhelzen en leren los te laten ondersteunt en de fijn motorische vaardigheden. De Babkin is cruciaal voor de totstandkoming van het gevoel ergens bij te horen en het ervaren van veiligheid in de wereld. Deze reflex heeft tevens invloed op de samenwerking tussen de twee hersenhelften (lateraliteit) en dus op de integratie van de ATNR. De Babkin transformeert in de Bonding reflex.

Bewegingspatroon

De Babkin wordt getriggerd wanneer de handpalmen van de baby worden ingedrukt. Als gevolg daarvan openen de handen en de mond en het hoofd buigt licht naar voren. Wanneer alleen één handpalm wordt ingedrukt, zal het hoofd iets naar die hand toedraaien. Dezelfde reactie ontstaat wanneer andere delen van het lichaam, zoals onderarmen, bovenarmen, onderkant van de voeten, de schenen en dijen, zachtjes worden ingedrukt

Tonische Labyrinth Reflex (TLR)

Algemene uitdagingen

Wanneer de TLR actief blijft, is het moeilijk controle te krijgen over het lichaam omdat elke beweging met het hoofd, voorwaarts of achterwaarts, ook beweging in de ruggengraat, armen en/of benen zal veroorzaken. Hierdoor worden de vestibulaire en proprioceptie zintuigen niet goed ontwikkeld.

Slechte balans
Zwakke nekspieren
Wagenziekte
Moeite met traplopen
Moeite met sorteren, organisatie en ruimtelijke perceptie
Visuele problemen
Gebogen houding (voorwaarts)
Lage spierspanning (voorwaarts)
Op de tenen lopen (achterwaarts)
Stijve en schokkerige bewegingen (achterwaarts)

Algemene informatie

De TLR is een primitieve reflex die belangrijk is voor de ontwikkeling van controle over het hoofd en spierspanning. Beiden zijn essentieel voor de ontwikkeling van het vestibulair systeem en proprioceptie. Beweging van het hoofd voor- of achterwaarts mag door integratie geen invloed hebben op de rest van het lichaam en beweging van de benen mag het bovenlichaam of hoofd niet beïnvloeden. Ook is de TLR mede verantwoordelijk voor de ontwikkeling van balans en oog-volgbewegingen. De reflex is belangrijk voor het lichaam om te begrijpen wat voor en achter en op en neer is. De TLR transformeert in de Hoofdrechtingsreflex en staat aan de basis van de overgangsreflexen Landau en STNR.

Bewegingspatroon

De TLR wordt getriggerd door hoofdbewegingen naar voor en naar achter. Deze reflex bestaat uit een voorwaartse en achterwaartse component:

  1. Voorwaarts: Het hoofd en nek naar voren buigen, zorgt ervoor dat de armen en benen zich intrekken naar het lichaam toe.
  2. Achterwaarts: Het hoofd en nek naar achteren buigen zorgt ervoor dat het hoofd, nek, armen en benen uitstrekken waarbij de rug hol trekt.

Asymmetrische Tonische Nek Reflex (ATNR)

Algemene uitdagingen

Wanneer de ATNR actief blijft, is het moeilijk controle te krijgen over het lichaam omdat elke beweging met het hoofd, naar links en rechts, ook beweging in de armen en benen zal veroorzaken. Dit heeft negatieve invloed op de balans, de mogelijkheid de middenlijn te doorkruisen en het binoculair zicht.

Slechte balans
Zwakke nekspieren
Moeite met kruisbewegingen (huppelen)
Moeite met leren fietsen
Slecht handschrift
Leesproblemen
Moeite met spelling, grammatica en rekenen
Hoofd staat “scheef”

Algemene informatie

De ATNR is een primitieve reflex die belangrijk is voor de ontwikkeling van kruislingse communicatie tussen hersenen en lichaam. Het leert de hersenen het verschil tussen links en rechts begrijpen; er zijn twee hersenhelften, twee ogen, twee oren, twee handen, twee benen en twee lichaamshelften. De ATNR draagt bij aan het kruisen van de middenlijn, het ontwikkelen van het oogvolgen en het binauraal gehoor. Deze vaardigheden zijn belangrijk voor de ontwikkeling van een voorkeurshand, oog, oor en been evenals het leren lezen en schrijven. De ATNR transformeert in de Hoofdrechtingsreflex, STNR en de levenslange houdingsreflex Amphibian.

Bewegingspatroon

De ATNR wordt getriggerd door hoofdbewegingen naar links en rechts. Wanneer de baby het hoofd naar links draait dan strekken arm en been aan die kant uit. Tegelijkertijd buigen arm en been aan de rechterkant. Wanneer de baby het hoofd naar rechts draait, strekken arm en been aan de rechterkant en buigen arm en been aan de linkerkant.

Bauer Crawling Reflex

Algemene uitdagingen

Wanneer de Bauer Crawling actief blijft, ontstaan er moeilijkheden in het leren omrollen en buikschuiven. Dit heeft weer invloed op het kruipproces. Ook kunnen er problemen ontstaan bij het kunnen zien en horen.

Zwakke coördinatie en motoriek
Rolt niet om of veel later
Doet niet aan buikschuiven of veel later
Komt niet tot kruipen of slechts korte periode
Zwakke balans en stabiliteit
Zwak accommoderen en binoculair zicht
Zwakke auditieve verwerking en binauraal horen
Spraak-taal problemen
Zwakke fijn motorische vaardigheden

Algemene informatie

De Bauer Crawling is een primitieve reflex die een belangrijke rol speelt in het geboorteproces. Het zorgt ervoor dat de baby direct na de geboorte kruipbewegingen maakt met de armen en benen wanneer het op de buik ligt. De Bauer Crawling is belangrijk voor de ontwikkeling van overeenstemmende verbindingen tussen het boven- en onderlichaam, de beide hersenhelften en de kruislingse varianten die nodig zijn voor motorische coördinatie. De reflex helpt mee in de totstandkoming van accommodatie en binoculair zicht. De Bauer Crawling transformeert in de Hoofdrechtingsreflex en STNR.

Bewegingspatroon

De Bauer Crawling wordt getriggerd wanneer de baby in buiklig het hoofd optilt en de tenen in de grond zichzelf kunnen afzetten tegen de vloer of een hand. De armen zullen ook meebewegen. Dit gebeurt in een kruispatroon; rechterbeen trekt zich in naar opzij en zet de tenen in de grond en duwt zich omhoog, tegelijkertijd strekt de linker arm zich en trekt zich met platte hand naar boven. Daarna herhaalt deze beweging zich met het linkerbeen en de rechterarm. Een krokodillen sluipbeweging.

Spinale Galant Reflex (SGR)

Algemene uitdagingen

Wanneer de SGR actief blijft, kan dit effect hebben op de houdingsontwikkeling. Het kan leiden tot fixatie en stijfheid in de onderrug. Ook heeft het grote invloed op zindelijkheid.

Friemelen en wiebelen
Hyperactiviteit
Moeite met focussen
Slechte blaascontrole, bedplassen na leeftijd 5 jaar
Broekpoepen na leeftijd van 5 jaar
Scoliose
Lage rugpijn
Slechte auditieve verwerking
Kan niet tegen kietelen
Houdt niet van strakke kleding

Algemene informatie

De SGR is een primitieve reflex die belangrijk is voor het geboorteproces. Ook speelt het een rol bij de ontwikkeling van gehoor en gehoorverwerking. Deze reflex is cruciaal om rustig te kunnen zitten en geconcentreerd te kunnen zijn doordat het stabiliteit in de onderrug verzorgt. De SGR heeft grote invloed op de blaascontrole en stoelgang. Deze reflex verbindt het bovenlichaam met het onderlichaam en helpt de hersenen begrijpen waar voor/achter, boven/onder en links/rechts is. Dit beïnvloedt het ruimtelijk inzicht en wiskundige vaardigheden. De SGR transformeert in de Hoofdrechtingsreflex en de levenslange Amphibian.

Bewegingspatroon

De SGR wordt getriggerd wanneer langs één zijde van de ruggengraat van de ribben naar het bekken wordt gestreken. De heup en schouder aan die kant buigen en draaien naar elkaar toe. Vaak beweegt het hoofd ook naar die zijkant. Het been aan die kant zal automatisch buigen. Wanneer aan de andere zijde van de ruggengraat wordt gestreken, heeft dit hetzelfde effect maar dan naar de andere kant. Wanneer beide zijden tegelijkertijd worden gestimuleerd, resulteert dit in het buigen van het bekken naar achteren en het lagere gedeelte van de wervelkolom naar binnen, strekken van de armen en benen, opheffing van het hoofd gevolgd door plassen en/of ontlasten.

Palmaire Grijp Reflex

Algemene uitdagingen

Wanneer de Palmaire Grijpreflex actief blijft, zal dit van invloed zijn op de fijne motoriek en de ontwikkeling van een goede pengreep. De gevoeligheid van de handen zal groter zijn en mate van beweeglijkheid van de afzonderlijke vingers kleiner. Ook zal het negatief bijdragen aan het leren praten en uitspreken van taal.

Fijne motorische moeilijkheden
Slechte pengreep
Te stevig dingen vasthouden
Te slap iets vasthouden
Wanneer één vinger beweegt, bewegen de andere vingers mee.
Moeite met het spelen van een muziekinstrument
Duim is gespannen en op slot

Algemene informatie

De Palmaire grijpreflex is een primitieve reflex en heeft de functie de hersenen te leren hoe de handen soepel te openen en sluiten. Hierbij mag de spierspanning niet te hoog of te laag zijn. Het aansturen van alle vingers afzonderlijk hoort hier ook bij. Deze reflex beinvloedt de mogelijkheid dingen vast te houden en te laten gaan. Ook is er rol weggelegd in de spraak-taal ontwikkeling. De Palmaire Grijpreflex transformeert in een pincetgreep en een volwassen greep (hoe een vuist gemaakt wordt)

Bewegingspatroon

De Palmaire Grijpreflex wordt getriggerd wanneer je een vinger, of iets anders, in de handpalm van een pasgeboren baby legt. De vingers van de baby zullen om de toegestoken vinger krullen en flink vastgrijpen. De eerste 12 dagen na de geboorte is deze reflex het sterkste. Het vormen van een vuist zegt veel over de ontwikkeling van het grijpen.

  1. Duim in de vuist (pasgeboren greep)
  2. Duim tussen de eerste en tweede vinger van de vuist
  3. Duim steekt gestrekt uit de vuist
  4. Duim ligt aan de zijkant tegen de wijsvinger aan
  5. Duim tegenover de vingers op de ringvinger (volwassen greep)

Optrek Reflex

Algemene uitdagingen

Wanneer de Optrekreflex actief blijft, zal dit van invloed zijn op de kracht en bewegingsmogelijkheden van de armen. Dit zal gevolgen hebben voor het schrijfproces. Ook de spierontwikkeling van de nek zal achterblijven, wat gevolgen heeft voor de stabiliteit van het hoofd.

Spanning in de onderarmen
Fladderen van handen en armen door kramp bij schrijven
Moeite met balans en leren zitten
Moeite met ontwikkelen levenslange beschermende Parachute Reflex.

Algemene informatie

De Optrekreflex is een primitieve reflex en heeft de taak de armenspieren en nekspieren te versterken. Ook draagt het bij aan het tot zit komen. De Optrekreflex transformeert in armbeweging patronen.

Bewegingspatroon

De Optrekreflex wordt getriggerd wanneer je de baby vasthoudt bij de polsen en naar je toetrekt. De baby zal als reactie daarop de armen buigen en meegaan in de voorwaartse beweging. Ook zal het hoofd met de kin op de borst in voorwaartse richting meegaan.

Voetreflexen (Plantaire grijpreflex en Babinski Reflex)

Algemene uitdagingen

Wanneer de voetreflexen actief blijven, zullen de voeten gevoelig blijven en negatieve invloed uitoefenen op de balans en stabiliteit. Ook zal het accepteren van grenzen moeilijk blijken.

Slechte balans
Korte kruipperiode
Zwakke enkels
Op de tenen lopen
Door krullende tenen moeite met schoenen aantrekken
Gaten in de sokken of schoenen aan de bovenkant bij de tenen
Stoot vaak de tenen
Stijve benen
Onderontwikkeld; schoenzolen afgesleten aan de binnenkant
Niet geïntegreerd; schoenzolen afgesleten aan de buitenkant
Platvoeten

Algemene informatie

De voetreflexen zijn primitieve reflexen en werken met elkaar samen om de voeten en tenen voor te bereiden om ermee af te zetten, te tijgeren, te kruipen en later erop te kunnen staan. Ze leren de voeten en tenen te buigen en strekken en in en uit te draaien. Ze zorgen voor evenwicht en stabiliteit en zijn belangrijk om lateraliteit te ontwikkelen zodat het lichaam begrijpt wat links en rechts is. Ook leren de voeten grenzen te waarderen. Er is een verbinding tussen handen en voeten waardoor het krullen of strekken van de tenen hetzelfde effect heeft op de vingers. De voetreflexen hebben de langste zenuwverbindingen en daardoor duurt het lang voordat ze volledig ontwikkeld zijn en de reflex kan integreren. De voetreflexen transformeren in een volwassen grijpreflex.

Bewegingspatroon

De voetreflexen bestaan uit twee varianten: de Plantaire Grijpreflex en de Babinski Reflex.

  1. Plantaire Grijpreflex: Door druk uit te oefenen op de bal van de voet zal de baby de tenen naar binnen krullen.
  2. Babinski Reflex: Wanneer er langs de buitenkant van de voet gestreken wordt, zullen de tenen spreiden en de voet naar binnendraaien.

Landau reflex

Algemene uitdagingen

Wanneer de Landau actief blijft heeft dit waarschijnlijk effect op de integratie van de SGR en de ATNR.

Gespannen lichaamshouding
Houterige bewegingen
Moeite met coördinatie; schoolslag, hinkelen, huppelen
Onhandig
Onvoldoende stimulatie of myelinisatie van de verbindingen in de hersenen, hierdoor:
Aandachts- en focusproblemen

Algemene informatie

De Landau is een overgangsreflex die volgt op de TLR en helpt om een goede coördinatie tussen het bovenlichaam en onderlichaam te ontwikkelen en de spieren langs de wervelkolom te versterken. Met name de strekspieren in de nek en schoudergordel worden geoefend. Ook speelt de Landau een rol bij het trainen van het zicht; schakelen tussen dichtbij en veraf, links en rechts, omhoog en omlaag kijken. Het leert de baby te reiken en verlengen. De Landau helpt de baby bij de voorbereiding om tot staan of lopen te komen. De SGR transformeert in de Hoofdrechtingsreflex en STNR.

Bewegingspatroon

De Landau bestaat uit twee delen: het bovenlichaam en onderlichaam.

  1. Bovenlichaam: Het hoofd wordt van de grond getild waardoor de bovenkant van de romp ook omhoog komt. De armen spreiden zich uit. (parachutist)
  2. Onderlichaam: Wanneer het bovenlichaam omhoog komt, volgen de benen ook. Boven en onder bewegen samen omhoog.

Symmetrische Tonische Nek Reflex (STNR)

Algemene uitdagingen

Wanneer de STNR actief blijft, zal het echte kruipen uitblijven. Dit zal de ontwikkeling van efficiënte verbindingen tussen de hersenhelften beïnvloeden evenals de kracht en controle in het bovenlichaam. Ook heeft het nadelige gevolgen voor de visuele en auditieve verwerking.

W-zit
Zit op de benen op een stoel
Vouwt benen om de stoelpoten
Steunt het hoofd in de handen of hangt over tafel
Moeite met accommoderen van ver naar dichtbij en vice versa
Slechte oog-handcoördinatie
Instabiliteit in heupgebied en lage rug
Slecht onafhankelijk bewegen van het boven- en onderlichaam
Zwakke bovenarmspieren
Oogsamenwerkingsproblemen
Moeite met lezen en begrijpend lezen

Algemene informatie

De STNR is een overgangsreflexreflex die volgt op de integratie van de MORO, TRL, Landau, SGR en ATNR. De reflex is van belang voor het lichaam om te begrijpen dat het hoofd kan bewegen zonder dat de armen en benen hoeven mee te bewegen en vice versa. Tevens heeft het een grote rol in de ontwikkeling van balans en spiertonus in het bovenlichaam en armen. Visueel zorgt het voor betere controle over het accommoderen en auditief voor binauraal horen. De STNR transformeert in posturale controle.

Bewegingspatroon

De STNR wordt getriggerd door hoofdbewegingen naar voor en naar achter. Deze reflex bestaat uit een voorwaartse en achterwaartse component:

  1. Voorwaarts: Wanneer het hoofd naar voren buigt, zullen de spieren van het bovenlichaam buigen en spieren van het onderlichaam strekken.
  2. Achterwaarts: Wanneer het hoofd naar achteren buigt, zullen de spieren van het bovenlichaam strekken en de spieren van het onderlichaam buigen.